Huis en tuin

huis en tuin: de stoelpoot

stoelpoot
anneke de jong
Geschreven door anneke de jong

Huis en tuin: de stoelpoot

Het eerste wat me spontaan te binnen schiet als ik bovenstaande titel lees in het zwarte balkje bovenaan de site, is ‘stoelpoot’. Het verrast me enorm omdat ik geen idee heb waarom ik dat als eerste denk en wat iemand als ik, over een stoelpoot zou kunnen schrijven. Tegelijkertijd echter wordt er iets in mijn hoofd getriggerd. ‘Weet je echt niets van een stoelpoot af?’ Zegt een irritant uitdagend stemmetje. ‘Nee, niets! Niente, nada! Helemaal niets!’ Ik probeer resoluut te klinken maar toch hoor ik ook een lichte twijfel in mijn stem.

Ja natuurlijk weet ik wel dat een stoelpoot nooit alleen op zichzelf staat. Hij is altijd met meer. Sterker nog: in zijn eentje maakt hij niets klaar. Kan hij nog niet eens op eigen benen staan.

Wat zegt het woordenboek ?

Hij? Of is het misschien een Zij? Vraag ik me opeens af. Ineens komt het woord ‘stoelpoot’ me vreemd voor. Bestaat het eigenlijk wel? Ik zoek het op in het woordenboek en kom tot mijn verbazing tot de conclusie dat het niet bestaat. Dat is vreemd. Een stoelpoot is iets wat iedereen kent en waar iedereen een beeld bij heeft. Maar tegelijk is het iets wat niet bestaat. Nou ben ik niet voor één gat te vangen. Op mijn bureau staan nog twee woordenboeken en dus zoek ik verder. In het eerste woordenboek wat ik pak is het ‘vreemde woorden’ woordenboek. Hierin staat niet eens het woord ‘stoel’ genoemd. Op zich niet raar, natuurlijk. Een stoel is immers geen vreemd woord. Maar als ik het vervolgens ook niet vind in het ‘Koenen Handwoordenboek der Nederlandse Taal’, zakt mijn broek af.

Oké, stel ik mij zelf gerust. Een stoelpoot is dus iets wat niet is. Pas als ze minstens met vier zijn begint het ergens op te lijken.

Voorzichtig sta ik op en loop een meter of wat weg van mijn bureau. Gespannen draai ik me om en kijk ik naar de stoel waarop ik tot nu toe al die jaren, zonder angst plaats had genomen. Ik zie ze toch echt duidelijk. Het zijn er vier en ze ogen stevig. Maar als ze niet bestaan? Kijk ik dan naar een illusie?

De verwarring in mij stijgt maar tegelijk ook de blijdschap.

Ik kijk nu naar iets wat er niet is. Maar als ik dit verhaaltje nu plaats onder de kop ‘fictie’, dan… Dan bestaat de stoelpoot ineens wel. Want daar is fictie toch juist voor bedoeld. Een vast geloof in iets wat er niet is?

lees ook van Anneke : HOME

©annekedejong

Like

Over de auteur

anneke de jong

anneke de jong

8 reacties

  • Wat een heerlijk verhaal. Het gaat te ver om nou te zeggen dat ik een stoelpoot fetisj heb, maar ik heb wel iets met stoelpoten of eigenlijk meer met de poten van barkrukken (zou barkrukpoot wel in het woordenboek staan; bij gelegenheid toch eens controleren, mijn spellingchecker kent hem (of haar) gelukkig wel). Ik gebruik de poten regelmatig om een wiskundig probleem uit te leggen: door drie punten gaat een vlak, door vier niet, dat snapt de gemiddelde leek niet, dus zeg ik: een barkruk op drie poten staat altijd stabiel, die op vier wiebelt altijd. Dat snapt iedereen.

    • had ik maar zo’n wiskundeleraar gehad. Dan had ik je eerste uitleg metten begrepen. Nu viel het kwartje (bestaat dit woord nog of is het uitgestorven?) pas in je voorlaatste zin. Dank voor je heerlijke reactie

  • Heerlijk om fictie te schrijven. Ik schrijf ook korte verhalen, en overal valt wel iets over te vertellen.

Geef een reactie