Vrouw en geluk

krabbeltjes

krabbeltjes
anneke de jong
Geschreven door anneke de jong

krabbeltjes

Autobanden klinken anders op een natte weg. Indringender. Meer aanwezig in de kamer waarin ik mijn toevlucht zocht. Dat heb ik soms. Dan wil ik mij laven aan de stilte. Alles om me heen wordt dan ingebed in een oase van volkomen niets. Met aandacht zoem ik in op de kleinste dingen die op andere dagen aan mijn aandacht ontsnappen. Omdat ze zo gewoon zijn. De vulpen naast het woordenboek. Ik zie ineens de ronde vorm die grenst aan perfectie. De metallic rode kleur glinstert in het licht dat door het raam naar binnen valt. Hij voelt prettig in mijn hand.

Ik leg een vergeten blaadje papier recht. Er staat iets op gekrabbeld. Aan de letters te zien heb ik er vlug iets opgeschreven om niet te vergeten.

Mijn hoofd is zonder gedachten. Het ultieme doel bijna bereikt als plotseling een zware vrachtwagen de stilte verjaagt, de kamer vult met geluiden. Met een ander bewustzijn ook. De pen is weer de dagelijkse pen. Het gekrabbelde kladje ligt tussen andere vlug opgeschreven ‘niet vergeten’ dingetjes. Ik glimlach om wat ik niet vergeten mocht en waarvan de belangrijkheid allang weer is verdwenen.

Wat je niet onthoud is niet belangrijk, stel ik mezelf gerust. Maar wat is eigenlijk belangrijk? Vraag ik mij af. ‘Alles en niets,’ zegt een stemmetje. Er is verder niemand in de kamer, dus moet ik het zelf geweest zijn die dit zei. Er begint een gedachtestroom op gang te komen. Ik zie mijzelf als kind. Nergens zijn briefjes met krabbeltjes erop. Vergat ik dan nooit niets? Had ik geen gedachten over wat belangrijk was?

Alles wat ik deed deed er toe, maar niets was belangrijk. Iets onthouden voor morgen? Er staat me niets van bij. Ik was in het moment en ik hoop dat iedereen dat zo voelt wanneer hij terugkijkt op zijn kindertijd.

Maar tegelijk voel ik nu ook een gemis. Ik begin iets te begrijpen van de jaren erna. Hoe beetje bij beetje verantwoordelijkheden in mijn leven slopen. Dat ook ik straks ‘volwassen’ zou zijn drong van lieverlee door. Er kwam een tijd dat ik de tijd vooruit wilde duwen. Naar bed gaan wanneer ik wilde? Ik kon niet wachten. De tijd werd plotseling een begrip. Morgen zou ik dit. Volgend jaar ga ik dat. Wacht even, dit mag ik niet vergeten. Even opschrijven.

Steeds meer krabbeltjes lagen her en der verspreid. De tijd van nergens aan hoeven denken was definitief voorbij. Veel dingen werden belangrijk. Of niet en dat is precies wat ik me nu afvraag. Heb ik, hebben wij, onze kindertijd te ver achter ons gelaten? Is het echt zo belangrijk dat we vandaag al weten wat we morgen gaan doen? Liggen daarom al die krabbeltjes verspreid op mijn bureau?

Maar als die zo belangrijk zijn, waarom vind ik ze dan pas weken later weer terug? Bedolven onder nog belangrijkere dingen?

Het stemmetje in mij lacht zachtjes. ‘Omdat,’ zegt het, ‘kinderen soms slimmer zijn dan alle grote mensen samen.’

©annekedejong

lees van anneke de jong ook : Tijd om wat ?

Like

Over de auteur

anneke de jong

anneke de jong

8 reacties

Geef een reactie